29 april 2009 - 
Frans Verschuur heeft zo zijn geheel eigen kijk op de autosportwereld van verleden, heden en toekomst. Een persoonlijke visie die hij regelmatig via deze website naar buiten brengt. Hier Frans’ tweede column. Deze gaat over de Nederlandse autosportcultuur met feestjes op het circuit.
,,Ten opzichte van andere landen hebben we in Nederland onnoemlijk veel coureurs. Maar uit al het aanwezige talent, wordt veel te weinig gehaald. Waarom? Misschien wel omdat in onze cultuur de feestjes tijdens een raceweekend verhoudingsgewijs te belangrijk zijn.
Juiste verhouding
Natuurlijk is het, met het oog op sponsors, belangrijk dat er op het circuit meer is dan racen alleen. Maar wil je als rijder het maximale uit je sport halen, moet je wel zorgen dat racen op de baan in de juiste verhouding staat tot randzaken als bijvoorbeeld hospitality.
Doorgeslagen
In Nederland is die verhouding mijns inziens doorgeslagen naar de verkeerde kant. Dat is iets wat ik vooral waarneem bij onze toerwagencoureurs. Het is een cultuur waaraan ik moeilijk kan wennen als racefanaat. Tijdens de Paasraces zie je 100 gasten naar tien rondjes racen kijken, terwijl je in een Engeland, Duitsland of Frankrijk 100 rondjes racen hebt voor tien gasten. Als je als coureur op ‘Race Day’ vijf minuten over autosport praat en vervolgens een half uur over hoe laat de koffie, de gebakjes en de lunch worden gebracht, kun je als rijder ook niet verwachten dat je op de baan het maximale uit jezelf haalt.
|